Foto: M. Rekkers

DUS?

Stefan Boonen in 10 (+1) vragen

Schrijf je kinderenboeken? jazekerst.

Hoe lang al? Mijn eerste boek verscheen in het jaar 2000

Waar woon je? In Kessel-lo (Leuven - België)

Bezoek je ook scholen of bibliotheken? Ja! Ik ga vaak vertellen en voorlezen.

Maak je ook illustraties? Neen. 

Worden je boeken vertaald? Jawohl, si, evet, oui, yes, ja, ...

Heb je voor schrijver gestudeerd? Nee, ik leerde eerst voor timmerman en later deed ik orthopedagogie.

Wat doe je het liefst? Het liefst bedenk ik verhalen.

Hoeveel boeken heb je al geschreven? Meer dan 100.

Heb je hobby's? Ja, ik sport graag en ik lees graag.

Wat is je lievelingsboek? Daar mag ik (helaas) geen antwoord op geven.

#meneerstefanboonen


Over Stefan Boonen

28 oktober 1966 → Daar ben ik.
Ik werd geboren en groeide op in Hamont-Achel. Dat is een plek in Belgisch Limburg, een dorp en tegelijk een stad. Nu woon ik in Kessel-lo, samen met mijn vrouw Lies. Samen zijn we de ouders van Emma en Pieter.

7 september 2000 → Eerste boek.
Ik schrijf prentenboeken, boeken voor eerste lezers, graphic novels en romans.

4 maart 2009 → Het duizendste klasbezoek
Ik bezoek vaak scholen en bibliotheken en festivals. Daarnaast organiseer ik mee het festival KABAAL

→ Helaas, of gelukkig maar, kan ik slecht tekenen. Voor mijn boeken werk ik daarom graag samen met illustratoren. Met Melvin, Tom Schoonooghe, Jan Van Lierde, Marja Meijer, Federico Appel, Greet Bosschaert, ...

14 september 2026 → Eerste zin voor een nieuw boek
Ik krijg vaak de vraag wat je allemaal moet kunnen of doen om een schrijver te worden? Eerst en vooral mag een goede schrijver nieuwsgierig zijn. Niet bang voor beren of zoenen of pretparken. Het is handig als je houdt van taal, van koffie en chocolade.
Bovendien zijn veel schrijvers (ook schrijfsters) dol op spaghetti, wielrennen en dansen.
Het is nodig dat je graag (heel graag) leest en tegen een stootje kan.
Je moet goed alleen kunnen werken
en zachtjes mopperen tegen de muren.
of grinniken om je eigen mopjes.
Je moet minstens 33 seconden op één been kunnen staan en wandelen met je handen op je rug.